Pro Logo or No Logo? Is that a question?

“It's hard to say or to pick one side. Even though I agree that the third-world has been incredible exploited in the labor practices, it's hard not to use a nice brandy product which you know it's of a good quality and endure for quite some time. I'm undecided on that."
Denis Sooma, teacher 2-Oct-2001 Bron
Er zijn van die vragen die je alleen positief of negatief kan beantwoorden. Koop je wel eens ondanks het idee dat de mogelijkheid bestaat dat het geproduceerd is onder erbarmelijke omstandigheden? Ja, dat gebeurt mij elke week, misschien wel elke dag. Ben je soms geneigd een product aan te schaffen met een logo en vanwege het logo? Ja, ik heb veel cola’s geprobeerd, maar Coca Cola is voor mij gewoon de lekkerste ook al betaal ik er het dubbele voor. Elke keer dat ik een blikje Coca Cola uit de automaat ‘chip’ kan ik er op vertrouwen dat ik het lekker zal vinden.

De vraag ‘Pro Logo or No Logo’ is van een heel andere orde. Niet alleen is deze vraag op velerlei manieren uit te leggen, het onderwerp is ook nog eens zwaar beladen. Eigenlijk heeft iedereen er wel een mening over. Voor mij, een van de interpretaties, hebben alle woorden uit deze vraagzin een diepere betekenis. Het ‘no logo’ gedeelte wordt voor mij, net als voor zoveel anderen, vooral vertegenwoordigd door het gelijknamige boek van Naomi Klein, dat wel de nieuwe bijbel van de anti-globalisten wordt genoemd. Klein probeert ons met beide benen terug op de grond te plaatsten. terwijl ‘Pro logo’ echter van mijn kant meer een ervaring of gevoel is. Het is de verantwoording en misschien ook de verklaring van de omstandigheden waarin we nu leven. De vormen en tekens van logo’s activeren het imago van merken en dat brengt ons een gevoel van associatie.
Logo zelf heeft dus in de verschillende standpunten ook nog eens een andere lading. No logo staat eerder voor de achtergrond van logoproducenten, onder welke omstandigheden is deze schoen gefabriceerd. Of de gevolgen van het produceren van een logoproduct, bijvoorbeeld natuurvervuiling. Het logo van ‘Pro logo’ heeft direct betrekking op ons, de invloed die logo’s op ons en onze samenleving hebben en wat hieraan ten grondslag ligt.
Daarnaast is ‘logo’ op zichzelf al een ambigu concept dat zich in alle lagen en op de gehele breedte van onze samenleving, lees de westerse maatschappij, manifesteert. Onmogelijk dus om hier eenduidig op te antwoorden en verstandig om mijn voor en tegens eens uitgebreid uiteen te zetten:
Ik betrap mijzelf op een aantal contradicties. Ik ben blij met het idee van de standaardisatie zodat ik mij overal thuis kan voelen, maar elke keer weer die gele M tegenkomen is toch een tegenvaller. Nog erger is dat ik wel degelijk zo nu en dan verleid wordt een bezoek te brengen aan die gele M. Geïndoctrineerd door die vriendelijke clown. En wat nóg erger is, is dat ik dat ook gedaan heb in het Mekka van de klassieke oudheid, in Rome welteverstaan. 
Een prachtig pand, uitkijkend op het Pantheon, en ik eet er een patatje met een hamburger. I’m loving it! Ik denk dan ook dat mijn ergernis aan de McDonalds meer te maken heeft met het schuldgevoel na een bezoek en daarmee met het heersende schoonheidsideaal, dan met die gele M.
En ik denk zo dat iedereen wel zijn redenen heeft om zich te ergeren aan bepaalde uitingen van de logocultuur. Deze houding zal verschillen afhankelijk van heel veel factoren: leeftijd, opleiding, woongebied, nationaliteit en wellicht zelfs van etnische afkomst afhankelijk. Zo ben ik ook echt van mening dat ouderen, laten we zeggen 50 plus, minder gevoel hebben voor de nieuwe tijd. Ze benaderen het vaak veel te rationeel, ze willen niet meer betalen voor een product dan wat het werkelijk gekost heeft. Zij voelen zich bedrogen en ergeren zich aan mediaspektakels of reclamecircussen.
Maar ik ben blij dat het debat gevoerd wordt. En het is ook noodzakelijk dat er echte tegenstanders en ware voorstanders te vinden zijn rond deze kwestie. Zij verschaffen ons de instrumenten om een genuanceerde houding aan te nemen. Het boek van Klein is een naslagwerk voor de mistanden die de logocultuur met zich mee brengt en geeft een signaal voor de toekomst af. Zij en veel actievoerders en organisaties met haar maken ons er bewust van dat we ons mee mogen laten voeren met de droom, maar dat we wel op onze hoede moeten blijven.
En van de andere kant, pro logo, zijn er ook een hoop verdedigingen. Zo las ik een stuk over het idee dat er niet teveel sweatshops maar juist te weinig sweatshops in de derde wereld zijn. Deze werkgelegenheid zou de levensstandaard daar eerder verbeteren. “In other words, sweatshops and all they represent are a positive symbol of economic development, part of the reason that lives are getting better in those countries which have welcomed Nike, Reebok, Adidas and all the other alleged globalization ‘exploiters’.” Ik heb in mijn pro logo verdediging van deze mening geen gebruik durven maken, omdat ik niet in de positie ben hier een goede afweging van te maken. Wij kunnen niet bepalen of mensen in ontwikkelingslanden geholpen worden als wij werkgelegenheid verschaffen. Wie ben ik dan wel om sweatshops af te keuren? Over mijn eigen waarden en normen kan ik oordelen. Daarom wil ik niet dat een kind mijn supersonische hardloopschoenen in elkaar naait.
Het is ook maar de vraag of pro logo slechte werkomstandigheden in derde wereld impliceert. Dat ze nu aan elkaar gekoppeld worden, betekent dat dan ook dat ze in de toekomst niet zonder elkaar kunnen?
Het moge duidelijk zijn dat mijn houding ambigu is jegens dit debat en zelfs na het uiteenzetten van de voor mij geldende voor- en nadelen, ben ik niet in staat een kant te kiezen. Omdat dit debat op zoveel verschillende manieren is uit te leggen en logo’s zich geografisch en psychisch op zijn groot vlak verspreiden, vraag ik mij af of het überhaupt mogelijk is met volledige zekerheid achter een van de standpunten te gaan staan.